'Wij doen hetzelfde werk als de mannen'

Zussen Astrid en Jacquelien de Zeeuw voelen zich thuis bij AB Midden Nederland 





De zussen Astrid (21) en Jacquelien (17) de Zeeuw staan beiden hun mannetje bij AB Midden Nederland; Astrid al vijf jaar, haar zus sinds februari 2019. De boerendochters hebben het meer dan goed bij de diverse boerenbedrijven waar ze elke week werken.

De boerderij van de familie De Zeeuw in het Gelderse Gellicum is honderd procent een familiebedrijf. Vader De Zeeuw heeft een vrouw die volop meewerkt én ook zijn drie dochters staken en steken regelmatig de handen uit de mouwen om het melkveebedrijf te helpen runnen. Al hadden de twee jongste eerst andere plannen. “Ik wilde bloemiste worden”, lacht Astrid. “En ik kapster”, vult Jacquelien haar aan. Het liep anders: het meewerken op de boerderij beviel ze langzamerhand steeds beter. Omgaan met dieren kregen ze met de paplepel ingegoten; de hofstee is binnen en buiten gevuld met onder meer koeien, paarden, schapen, een geit, twee ‘waakganzen’ en een hond. “We horen wel eens van boeren die zonen hebben die niks geven om het boerenwerk: jullie vader heeft het met jullie getroffen.”

Vijf jaar geleden kwam Astrid bij AB Midden Nederland in dienst. Dat ging eerst via een leerwerktraject – vier dagen werken, één dag naar school – waarbij AB Midden Nederland de stagebedrijven regelde. Het werk beviel haar goed en inmiddels werkt ze de hele week voor vier melkveebedrijven. “Allemaal in de buurt. Dat is wel lekker, langer dan een half uurtje hoef ik niet te rijden. En ik heb het op al die bedrijven goed naar mijn zin, dus dan is het sowieso niet erg om er even voor onderweg te zijn.”

Haar jongere zus Jacquelien kwam op dezelfde manier bij AB Midden Nederland terecht, al zit zij nog in het leerwerktraject. Ze werkt nu bij twee melkveebedrijven en bij een bedrijf dat loonwerk en het houden van mestkalveren combineert. Net als bij Astrid zorgde een relatiebeheerder van AB Midden Nederland voor de stagebedrijven. Dat is welkome hulp, want het is voor meisje niet makkelijk een plek te vinden in de mannenwereld van het boerenwerk. “Nee, dat valt niet mee. Het is de afgelopen jaren er wel beter op geworden, maar we hoorden en horen nog vaak dat een boer liever geen meid op het bedrijf wil. En dat terwijl wij gewoon precies hetzelfde werk als de mannen doen. Soms staan ze wel even te kijken. Klauwbekappen, kun je dat ook? Ja hoor, geen probleem.”

Ze zien er de humor ook wel van in. “Laatst reed ik op een trekker in Leerdam en zag ik twee buitendienstmedewerkers in een auto. Die zaten echt te kijken en in mijn achteruitkijkspiegel zag ik dat ze via het zonneklepje nog keken. Heb ik maar even vriendelijk naar ze gezwaaid”, grijnst Astrid.

Op de bedrijven waar ze werken is van achterstelling geen sprake. Jacquelien: “Ik krijg gewoon de kans om al het werk te doen dat er is en niet alleen de, om het zo maar te zeggen, de rotklusjes. Laatst zei één van mijn werkgevers nog tegen me: breng jij die wagen met rijplaten even weg? Het voelt goed om dat vertrouwen te krijgen. En waar ik meest van hou? Het rondrijden op de trekker. Ik hou wel van het werken met koeien, maar met de trekker de polder in gaan, dat vind ik echt wel het mooiste.”

“Voor mij zijn dat juist wel de koeien”, gaat Astrid verder. “Ik steek er tijd in om ze te leren kennen, ondanks dat ik op meerdere bedrijven werk. Een koe is voor mij geen nummer; ik weet welke koe bij welk nummer hoort, wie haar vader en moeder zijn en wat voor karakter ze heeft. Daar geniet ik van; rondlopen in een weiland, een kriebeltje hier en een krabbeltje daar geven. De koeien wennen dan ook veel meer aan je en je kunt dan beter met ze werken.”